In Nederland worden steeds meer agrarische activiteiten gestopt of verplaatst op de agrarische bedrijfslocatie. Uit onderzoek blijkt dat in Nederland vijf agrarische bedrijven hun activiteiten stoppen per dag. Het land wordt verkocht aan een natuurorganisatie of de overheden.
De reden van de verschuiving ligt in het feit dat het landschap niet altijd geschikt is voor intensieve, grootschalige en professionele landbouw of veeteelt.

Kort samengevat: de jonge boeren met ambitie trekken weg naar gebieden met meer ruimte en oudere boeren stoppen met de bedrijfsvoering.
Hier komt nog bij dat er door de landelijke natuuropgaaf een vernieuwde manier van agrarisch ondernemen wordt verlangd waarin veel historisch gebonden agrarische bedrijven geen toekomst zien.
Gevolg is dat er in landelijke gebieden agrarische locaties vrijkomen met of zonder bewoners die toch van grote cultuurhistorische waarde zijn voor het gebied.
Ook de Kamer van Koophandel heeft zich gericht op de agrarische bedrijfslocaties. Omdat er steeds minder nieuwe bedrijventerreinen worden uitgegeven en de bedrijvigheid op peil gehouden moet worden, zijn de agrarische bedrijfslocaties in het buitengebied eventueel ook geschikt voor kleine ondernemingen.
Het is dus voor de betrokkenen zeer belangrijk om te zoeken naar een herbestemming voor de agrarische locatie die de cultuurhistorische waarde in stand houdt maar wel zorgt voor bedrijvigheid op het platteland. Hierdoor blijft het platteland vitaal en blijven de kernen leefbaar.
Bedrijvige agrarische locaties alleen maar transformeren tot vrijstaande woonlocaties bedreigt de bedrijvigheid en leefbaarheid van het platteland. Hiermee creĆ«ren we “slaapgebieden” die het karakter krijgen van een “openluchtmuseum”.

|